Innovatie

De sector werkt onder andere aan het ontwikkelen van nieuwe rassen met hoge (intrinsieke) kwaliteiten, voor teelt onder moeilijke omstandigheden zoals hitte of droogte of op arme grond. Door een breed netwerk aan proefveldlocaties wereldwijd worden de belangrijkste klimaten en teeltcondities in testen opgenomen. Door onderzoek naar de optimale mate van irrigatie en bemesting per ras worden de prestaties van de rassen nog verder verbeterd. 

Veredelingsbedrijven werken aan rassen die over de gehele wereld gebruikt kunnen worden. Daarnaast wordt er gewerkt aan de ontwikkeling van resistenties, in het bijzonder tegen de bekende aardappelziekte Phytophthora Infestans. Bij het zogenaamde ‘veredelen’ van nieuwe rassen worden resistenties uit wilde soorten (bijvoorbeeld uit het Andes gebergte) gebruikt om via het langdurige veredelingsproces van aardappels in te brengen in nieuwe rassen.

Een speciaal project is de ontwikkeling van aardappels die geteeld kunnen worden op zilte gronden. Dit maakt het mogelijk om voedsel te telen op gronden die normaal niet gebruikt kunnen worden vanwege hun te hoge zoutgehalte. Met zout-tolerante rassen wordt de ingebruikname van deze gronden wél mogelijk en dat kan een flinke bijdrage leveren aan de wereldvoedselvoorziening. Er zijn op de wereld namelijk zo’n 1,5 miljard hectares grond verzilt, waardoor teelt van normale landbouwgewassen niet (meer) mogelijk is. 

Je leest meer over deze ontwikkelingen in de Pieperbieb.